Toestroom

De constante van 600–1.100 per week

In 2025 viel 83% van alle weken binnen de band van 700–1.000 personen. In Q1 2026 blijft het patroon stabiel op ~875/week. Geen correlatie met seizoen, politieke gebeurtenissen of nieuwscyclus. De data wijzen op capaciteitsmanagement, niet op organische variatie.

~850
Weekgemiddelde 2025
~875
Weekgemiddelde jan–apr 2026
600
Minimum (week 22 '25, begin juni)
1.100
Maximum (week 46 '25, eind nov)

Wekelijkse asielinstroom jan 2025 – apr 2026 (benadering o.b.v. maandtotalen)

Bron: IND kerncijfers / CBS. Wekelijkse verdeling berekend uit maandtotalen. Apr 2026 = voorlopig cijfer. Stippellijn = gemiddelde ~850.

Maandtotalen jan 2025 – apr 2026 — IND kerncijfers

Bron: IND kerncijfers 2025–2026. Rood = maanden boven 4.000 totaal. * Apr 2026 = voorlopig.

Waar komen de asielzoekers vandaan?

Top 10 herkomstlanden — 2025

Eerste asielaanvragen (blauw) en nareizigers (rood) per land — naast elkaar getoond, niet opgeteld. Het zijn aparte categorieën: eerste aanvragen doorlopen IND/COA, nareizigers komen direct via gezinshereniging. Top 10 dekt 63% van eerste aanvragen 2025. Bron: CBS Open Data 80059NED.

De Syrië-shift van 2025 Eerste aanvragen uit Syrië daalden 71% (van 11.525 → 3.285) na de val van het Assad-regime eind 2024. Maar Syrische nareizigers blijven dominant: 12.110 personen = 74% van alle nareizigers in 2025 — gezinshereniging van eerder erkende vluchtelingen.
Verschuivingen 2024 → 2025
  • Eritrea +114% (1.465 → 3.135)
  • Sierra Leone +114% (245 → 525)
  • Soedan +53% · Afghanistan +56%
  • Irak −74% (2.220 → 575)
  • Jemen −53% (1.080 → 510)
Twee aparte categorieën in 2025
  • 24.140 eerste asielaanvragen — mensen in IND-procedure, in COA-opvang (-25% vs 2024).
  • 16.470 nareizigers — directe gezinshereniging, geen opvang (+39% vs 2024).

Beide gaan over personen die in Nederland aankomen, maar volgen verschillende juridische routes. Daarom worden ze hier apart getoond, niet opgeteld.

Hoe veranderde het over tijd? (2015–2025)

Eerste asielaanvragen per herkomstland — maandelijks 2015–2025

Top 7 herkomstlanden, maandelijkse cijfers. Klik op een land in de legenda om aan/uit te zetten. Alleen eerste asielaanvragen — nareizigers worden hier niet meegerekend. Bron: CBS Open Data 83102NED (maandcijfers).

Drie golven, één decennium
  • 2015 — Syrische crisis: 18.675 eerste aanvragen uit Syrië + 7.360 uit Eritrea = de "vluchtelingencrisis".
  • 2021 — Afghan-stroom: 3.005 aanvragen uit Afghanistan na Taliban-overname.
  • 2022–2023 — Tweede Syrische golf: 12.650 + 13.030 aanvragen — verzwakkende veiligheid en gezinshereniging.
De Assad-val van december 2024 Syrië was sinds 2015 stelselmatig nummer 1 herkomstland. In december 2024 viel het Assad-regime; in 2025 daalden Syrische eerste aanvragen 71% (11.525 → 3.285) — de grootste enkeljaarse verandering sinds 2016. Tegelijk verdubbelden Eritrese aanvragen (+114%): nieuwe brandhaard, nieuwe instroom.
Wat dit zegt over "de toestroom" Het nationale weekgemiddelde van ~850 is verbluffend stabiel, maar de samenstelling verschuift voortdurend met geopolitieke gebeurtenissen. Een asielsysteem dat zich constant laat verrassen ondanks 10+ jaar herhaling van hetzelfde patroon (één hoofdland wisselt af met een ander) is een ontwerpkeuze, geen onvermijdelijkheid.
Verleende vergunningen per type — 2015–2025
Vluchtelingenstatus (A-status)
Verleend bij individuele vervolging op grond van ras, religie, nationaliteit, politieke overtuiging of behoren tot een sociale groep. Juridische basis: Vluchtelingenverdrag van Genève (1951).
Subsidiaire bescherming (B-status)
Verleend bij reëel risico op ernstige schade in het herkomstland — doodstraf, marteling, of willekeurig oorlogsgeweld. Geen individuele vervolging vereist. Juridische basis: EU Kwalificatierichtlijn (2011/95/EU).
Humanitaire bescherming (C-status)
Verleend op klemmende humanitaire gronden die niet onder A of B vallen — bijvoorbeeld zeer schrijnende persoonlijke omstandigheden. Juridische basis: Vreemdelingenwet 2000, art. 29 lid 1 sub c/d.

Verleende vergunningen Nederland nationaal — per type 2015–2025

Alle in Nederland verleende vergunningen per jaar, gestapeld in de drie wettelijke types. Bron: CBS Open Data 85400NED.

Welk type status domineert?
  • Oorlogsgebieden (Syrië, Eritrea, Jemen, Somalië) → subsidiaire bescherming overheerst — groepsgevaar zonder individuele vervolging.
  • Turkije → vooral vluchtelingenstatus (75%): individuele politieke vervolging Erdogan-tegenstanders.
  • Humanitaire bescherming blijft overal klein (NL totaal 2024: 780 van 15.960 vergunningen, ≈ 5%).
Wat de tijdreeks laat zien
  • 2015–2016: piek 16.450 + 20.810 (Syrische crisis).
  • 2017–2019: ineenstorting na strenger beleid (laagste: 3.620 in 2018).
  • 2020–2024: gestaag herstel naar 15.960.
  • 2023: subsidiair piekt (10.460) — meer oorlogsvluchtelingen.
  • 2025: −53% t.o.v. 2024 (15.960 → 7.425) — gevolg val Assad-regime: minder Syrische toewijzingen.
Nareizigers per herkomstland — maandelijks 2015–2025

Nareizigers per herkomstland — maandelijks 2015–2025

Maandelijkse nareizigers (gezinshereniging) per herkomstland. Klik op een land in de legenda om aan/uit te zetten. Bron: CBS Open Data 83102NED (maandcijfers).

Over de nareis-procedure Vergunninghouders mogen direct familieleden laten overkomen via een mvv-procedure in het herkomstland. De verwerking duurt typisch 9–18 maanden — nareizigers volgen dus met vertraging op de verleende vergunningen uit voorgaande jaren. In de tijdreeks is dat patroon duidelijk zichtbaar: de Syrische nareizigers-golf van 2016 (piek: 1.845/maand in nov 2016) volgde op de Syrische vergunningenpiek van 2015. In 2025 blijven Syrische nareizigers dominant: ~1.000/maand.
Kwartaalverdeling 2025–2026
PeriodeMinimumMaximumGem./weekOpmerking
Heel jaar 2025 600 (w22) 1.100 (w46) ~850 83% in 700–1.000 band
2025 Q1 (jan–mrt)750975~770Laagste kwartaal 2025
2025 Q2 (apr–jun)600988~820Week 22 = jaarminimum 2025
2025 Q3 (jul–sep)8451.020~910Zomerstijging
2025 Q4 (okt–dec)8001.100~935Hoogste kwartaal 2025
2026 Q1 (jan–mrt)860895~875Stabiel t.o.v. Q4 2025
2026 apr (voorlopig)840865~860Lichte daling; cijfer niet definitief
Maandcijfers jan 2025 – apr 2026 — volledig overzicht
MaandTotaalWeekgemiddeldet.o.v. jaargem.
Wat zeggen deze cijfers?
  • Geen seizoenspatroon: De instroom stijgt in het najaar (Q3/Q4), niet in de zomer zoals bij toerisme. Dit duidt op andere drijvers dan klimaat.
  • Geen correlatie met nieuws: Grote politieke gebeurtenissen zijn niet zichtbaar als pieken of dalen in de wekelijkse data.
  • Harde ondergrens ~500: Geen enkele week valt onder 500. Dit suggereert een minimale capaciteitsvloer in de smokkelinfrastructuur en opvangsector.
  • Zachte bovengrens ~1.200: Dit wijst op capaciteitsplafonds: opvanglocaties, IND-behandelcapaciteit, smokkellogistiek.
  • 2025 totaal: ~44.100 (eerste aanvragen + nareizigers, IND maandcijfers 2025). 2026 Q1: ~10.560 (CBS StatLine 83102NED, gepubliceerd mei 2026). Jaarprojectie 2026 op basis van Q1: ~42.000–44.000.
  • Historisch patroon: In 21 van 23 jaar (2000–2023) waren de uitgaven hoger dan begroot (Algemene Rekenkamer, 18 januari 2023). Structurele onderschatting leidt tot permanente "crisis"-framing.
De kernvraag: wat als dit een natuurlijk proces was? Bij echte organische variatie — afhankelijk van weersomstandigheden, conflicten en politiek — zou je pieken van 2.000–3.000 per week verwachten, gevolgd door weken van 200–300. De feitelijke spreiding van 600–1.100 wijst op capaciteitsmanagement in het systeem, niet op een natuur­lijk migratiepatroon.
Gezinshereniging & huwelijksmigratie — instroom via familieband

Naast asielmigratie en nareizigers bestaat een omvangrijke derde instroom via gezinshereniging (partner/kinderen herenigen zich met al in NL wonende familielid) en gezinsvorming (iemand komt specifiek naar NL om hier te trouwen of samenwonen). CBS registreert dit als apart verblijfsgrond via tabel 82027NED. In 2024 werden 42.210 reguliere verblijfsvergunningen afgegeven op gezinsbasis — meer dan het totaal aantal asielvergunningen.

Partners (echtgenoot/echtgenote) die een verblijfsvergunning kregen op gezinsgrond, uitgesplitst naar de vier grootste niet-westerse herkomstlanden. Bron: CBS StatLine 82027NED (definitief t/m 2023; 2024 voorlopig).

HerkomstTotaal gezinsmigr. 2024w.v. partner 2024Migratiehuw. 1e gen.Migratiehuw. 2e gen.
Turken3.3501.69026%10%
Syriërs3.795550n.b.n.b.
Marokkanen2.2251.16548%11%
Afghanen525230n.b.n.b.
Totaal alle nationaliteiten42.21018.650

Bron: CBS StatLine 82027NED (verblijfsvergunningen naar verblijfsgrond en nationaliteit). Migratiehuwelijkencijfers: CBS Integratie en samenleven 2024. CBS beschikt niet over een kant-en-klare kruistabel "niet-westerse Nederlander × partner uit herkomstland" — dit vereist CBS-microdata.

  • Sterke groei totaal: Het totaal gezinsgebonden verblijfsvergunningen groeide van 21.685 in 2015 naar 45.870 in 2022 — meer dan een verdubbeling in zeven jaar.
  • Dalende trend migratiehuwelijken: Het aandeel huwelijken waarbij de partner specifiek migreerde is gedaald. Bij de tweede generatie convergeert het naar ~10–11% voor zowel Turken als Marokkanen.
  • Uitzondering eerste generatie Marokkanen: 48% trouwt nog steeds met iemand uit Marokko — bijna de helft. Dit is significant hoger dan bij andere groepen.
  • Ketenmigratierisico: Na erkenning als vluchteling kunnen nareizigers zelf ook recht krijgen op gezinshereniging — inclusief een eventuele buitenlandse huwelijkspartner. De keten werkt door.